Ga naar inhoud
BinnenvaartHub

A1, A2 en B: vaartijd en rusttijd

Hoeveel uur je per etmaal mag varen bepaalt hoe lang een reis duurt. Op een Rijnreis van vijfenzeventig uur vaartijd scheelt doorvaren ruim twee dagen met dagvaart. Daarom staat op /route de aankomsttijd voor alle drie de wijzen.

De drie wijzen

WijzeVaart per 24 uurVaart onderbrokenRust per bemanningslid
A1 — dagvaartten hoogste 14 uur8 aaneengesloten uren, tussen 22.00 en 06.00Acht ononderbroken uren rust buiten de vaartijd, per 24 uur.
A2 — halfcontinuvaartten hoogste 18 uur6 aaneengesloten uren, tussen 23.00 en 05.00Acht uur rust, waarvan zes ononderbroken buiten de vaartijd, per 24 uur.
B — continuvaartten hoogste 24 uurniet voorgeschrevenVierentwintig uur rust per 48 uur, waarvan ten minste tweemaal zes ononderbroken.

Vaartijd en onderbreking: artikel 18.01 van het Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn. Rusttijd: artikel 18.02 van hetzelfde reglement.

Twee dingen die we bewust niet meerekenen

De verlenging bij A1. Artikel 18.01, tweede lid, laat de vaart eenmaal per kalenderweek tot zestien uur verlengen — maar alleen met een tachograaf die aan de eisen van de ES-TRIN voldoet én met, naast de schipper, nog een bemanningslid met een kwalificatiecertificaat stuurman. Die twee voorwaarden kennen wij niet, en een aankomsttijd die te vroeg is helpt niemand.

Afwijken van de tijdvakken. Van de uren tussen 22.00 en 06.00 (A1) en 23.00 en 05.00 (A2) mag worden afgeweken als de vaartijd met een goedwerkende tachograaf wordt geregistreerd. Het aantal uren blijft dan gelijk, dus voor de aankomsttijd maakt het weinig uit; voor de vraag waar je 's nachts ligt wel.

Waar de vaartijd zelf vandaan komt

De uren hierboven zeggen hoeveel je per etmaal mag varen. Hoe lang de reis duurt is een andere vraag, en die wordt uit twee bronnen beantwoord — per stuk van de reis de bron die er iets van weet.

Buiten de Rijn: 15 km/u van ons, schuttijd van EuRIS

Hier stond dat EuRIS op de Belgische en Duitse kanalen officiële vaarsnelheden per vaarweg heeft en dat zijn getal daar beter is dan het onze. Dat klopt niet, en dat is nagemeten over deze 15 reizen in Nederland, Duitsland en België: zijn vaartijd is telkens exact de afstand gedeeld door de snelheid die wíj hem meegeven (15 km/u), plus een toeslag per sluis van twintig tot vijfenzestig minuten.

De 15 nagemeten reizen, met de duur van EuRIS naast de afstand gedeeld door 15
ReisKmSluizenEuRIS (u)Afstand/15 (u)Min/sluis
Rotterdam–Duisburg216,8014,4714,45—
Rotterdam–Keulen306,3020,4420,42—
Rotterdam–Hamm279,1620,6318,6120
Rotterdam–Maastricht235,4821,5215,6944
Amsterdam–Utrecht42,513,882,8363
Utrecht–Tiel33,423,622,2342
Nijmegen–Venlo71,926,974,7965
Gorinchem–Den Bosch36,134,912,4150
Wesel–Marl40,133,672,6720
Duisburg–Dortmund60,666,044,0420
Duisburg–Hamm86,557,435,7720
Koblenz–Trier187,3815,1512,4920
Mainz–Würzburg251,62023,4416,7720
Antwerpen–Gent100,927,756,7331
Antwerpen–Luik133,0714,368,8747

Dat de officiële Belgische vaarsnelheden er niet in zitten, is apart te zien door 15 te vervangen door 60: Antwerpen–Luik gaat dan van 14,36 naar 14,29 uur. Het plafond van die vaarweg ligt dus rond 15,1 km/u en bindt bij 15 nergens. Over alle 15 reizen ligt dat plafond tussen 15,1 en 16,9 km/u.

Buiten de Rijn is het varende deel van de vaartijd dus van ons en alleen het schutten van EuRIS. Op /route staan die twee daarom apart. Er wordt níets bij opgeteld voor het schutten — dat zou dubbel tellen, want het zit al in zijn getal.

Wat er niet is: een bron met werkelijk gevaren snelheden per vaarweg. De kilometerpalen van NWB Vaarwegen geven vaarwegvakken zonder snelheid, de RWS-set met maximale afmetingen gaat over maten, en een wettelijke maximumsnelheid is een bovengrens en geen reistijd. Daarom staat er 15 km/u met de aanduiding dat het een aanname is, en niet een getal dat er nauwkeuriger uitziet dan het is.

Op de Rijn: eigen vaartijden

Voor de Rijn heeft EuRIS geen officiële vaarsnelheden. Hij rekent daar met de snelheid die wij meesturen en kent er geen stroom, waardoor op- en afvaart bij hem even lang duren — en dat klopt niet met de rivier. Het Rijndeel wordt daarom met eigen vaartijden gerekend. De opvaart is per riviervak opgegeven; de afvaart op vrijstromend water is één bandsnelheid voor de hele Rijn, want per vak is die niet opgegeven.

De schuttijd van het Rijndeel zit in die vaartijden en wordt dus niet nog een keer van EuRIS overgenomen. Dat gebeurde eerder door van zijn totaal af te trekken wat het Rijndeel aan kilometers kostte, en dat gaat mis zodra er sluizen op dat deel liggen: boven Iffezheim zijn dat er negen. Op Basel–Marl belandde daardoor 8,28 uur schuttijd op 38,4 km Wesel-Datteln-Kanal met drie sluizen, waar één uur hoort. Nu wordt de totale schuttijd verdeeld over de sluizen die EuRIS zelf telt en tellen alleen die buiten het Rijndeel mee.

De 8 riviervakken van de Rijn-as met hun vaartijd per richting en belading
VakKmOp, beladenOp, ledigAf, beladenAf, ledigHerkomst
Rotterdam – Lobith13816,1 u—7,1 u *—schatting van de schipper
Lobith – Duisburg-Ruhrort827,9 u—4,2 u *—schatting van de schipper
Duisburg-Ruhrort – Koblenz18820,1 u—9,6 u *—schatting van de schipper
Koblenz – Sankt Goar363,9 u—1,8 u *—schatting van de schipper
Sankt Goar – Karlsruhe19721,0 u—10,1 u *—schatting van de schipper
Karlsruhe – Iffezheim · 1 sluis253,0 u—4,0 u—schatting van de schipper
Iffezheim – Basel · 9 sluizen16620,0 u—14,0 u—schatting van de schipper
Basel – Birsfelden · 1 sluis51,0 u—1,0 u—schatting van de schipper

Samen 837 km in 93 uur stroomop beladen — gemiddeld 9,0 km/u tegen 16,1 km/u stroomaf.

* Deze afvaarttijd is niet per vak opgegeven maar volgt uit de bandsnelheid bij normale waterstand (19,5 km/u) — één snelheid voor de hele vrijstromende Rijn, dus daar is de afvaart níet per riviervak. Op de 3 gekanaliseerde vakken boven Karlsruhe staat wel een vaste tijd, met het schutten erin.

De streepjes zijn geen nul maar een lege plek: voor ledige vaart is nog geen enkel cijfer opgegeven — 8 van de 8 vakken missen de ledige opvaart en 8 de ledige afvaart. Belading verandert je snelheid in de praktijk meer dan je afmetingen, maar een factor verzinnen is precies wat deze site niet doet. Zolang ze er niet zijn rekent een ledige reis met de beladen tijd, en zegt /route dat erbij. De plekken staan er al, zodat ze ingevuld kunnen worden zonder dat de berekening verandert — en de kalibratie vult ze vanzelf zodra er ledige reizen gemeten zijn.

Waarom er "schatting van de schipper" staat, en wat eraan verandert

Alle acht vakken hierboven rusten op cijfers die één schipper opgaf: beladen opvaart bij normale waterstand, over vier trajecten. Binnen zo'n traject is de bestaande verhouding aangehouden en met één factor naar dat cijfer geschaald — dat is een keuze en geen meting, want de verdeling bínnen een traject is niet opgegeven.

Ze zijn bedoeld om vervangen te worden. Wie de dagmelding gebruikt, meet zonder er iets voor te doen: elke reis levert per vak een gevaren tijd op. Zodra er van een combinatie — vak, richting, belading, waterstand — 5 passages liggen, neemt de mediaan van de laatste 24 het over van de schatting. Mediaan en geen gemiddelde: één reis met een dag sluisstoring trekt een gemiddelde scheef. In deze tabel verspringt de herkomst dan mee, dus je ziet welk getal je voor je hebt.

Wat de aankomsttijd op /route wél is

De vaartijd hierboven, met de klok erbij: er wordt gevaren zodra het mag, en hoogstens het toegestane aantal uren per etmaal. Waar de resterende uren van de dag vallen, kiest de schipper zelf — voor de aankomsttijd maakt dat niets uit.

Het is een schatting voor je planning en geen controle op de vaartijden. Bij hoog of laag water loopt hij uiteen, en wat er werkelijk gevaren is staat in het vaartijdenboek en op de tachograaf — die staan aan boord. Geen officieel vaaradvies.